Residunormen zijn wettelijke normen voor resten van bestrijdingsmiddelen, die nog op een product aanwezig mogen zijn. Bij het gebruik van bestrijdingsmiddelen is het niet altijd te voorkomen dat er resten achterblijven op het product. Om deze resten zo laag mogelijk te houden, moet een teler bestrijdingsmiddelen conform het gebruiksvoorschrift gebruiken. Dit gebruiksvoorschrift is opgesteld volgens GAP (Good Agricultural Practice of Goede landbouw praktijken). Dit betekent dat precies die hoeveelheid is toegestaan, waarbij aan de ene kant het middel een effect heeft op een bepaalde plaag en waarbij aan de andere kant niet onnodig veel wordt gebruikt.
De wettelijke residunorm wordt ook wel MRL (maximum residu limiet) genoemd en wordt uitgedrukt in mg/kg. Per middel/gewas- of middel/product-combinatie kan de residunorm verschillen. Er zijn vele residunormen in de wet opgenomen. Soms wordt er bij een bepaalde teelt geen residu verwacht. Dan wordt er een ondergrensnorm in de wet opgenomen. Dit gebeurt bijvoorbeeld doordat een middel bij een bepaalde teelt niet gebruikt wordt. Of doordat het residu dusdanig snel wordt afgebroken dat dit geen residu oplevert. Deze norm wordt aangegeven met een * achter de norm. De ondergrensnorm geeft de ondergrens aan van wat nog analytisch te bepalen valt. Deze norm wordt beschouwd als de hoogste concentratie waarbij nog aan de eis (geen aantoonbaar residu) wordt voldaan. Veel gebruikte ondergrensnormen in de wet zijn: 0.01*, 0,02* of 0,05* mg/kg.
Afdrukken